KENNIS · VINDBAARHEID
Hoe kom je hoger in Google als vakbedrijf?
Voor een lokaal bedrijf zit de winst zelden in techniek en bijna altijd in vier dingen: een volledig ingevuld Google-bedrijfsprofiel, een aparte pagina per dienst die je echt doet, je werkgebied in de woorden die klanten intypen, en reviews die niet alleen op je telefoon staan. Doe je die vier, dan sta je bij de meeste zoekvragen in je regio al vóór de helft van je concurrenten. Hieronder staat per punt wat je zelf kunt doen.
1. Je Google-bedrijfsprofiel is belangrijker dan je website
Zoekt iemand op "tegelzetter Breda", dan staat er bovenaan een kaartje met drie bedrijven. Dat kaartje komt niet uit je website maar uit je Google-bedrijfsprofiel, en dat is gratis. Wie daar staat, krijgt de telefoontjes. Wie eronder staat, krijgt de rest.
Wat er meestal misgaat: het profiel bestaat wel maar is half ingevuld. Geen diensten aangevinkt, geen werkgebied ingesteld, drie foto's van vier jaar oud, openingstijden die niet kloppen. Vul alles in, zet er elke maand een paar foto's van echt werk bij, en reageer op elke review. Dat laatste is geen beleefdheid maar een signaal: een profiel waar iemand aan zit, wordt hoger gezet dan een profiel dat stilstaat.
Twee vragen die hier vaak onder liggen, beantwoorden wij apart: of je een bedrijfsprofiel nodig hebt en wat het kost, met Googles eigen geschiktheidsregels erbij (wie vanaf zijn woonadres werkt, hoort dat adres van het profiel te halen) en met een meting van dertien vakbedrijfsites waarvan er twee naar hun eigen profiel wijzen.
2. Eén pagina per dienst, niet één pagina voor alles
De meeste vakbedrijven hebben een pagina "Diensten" met een opsomming. Google kan daar niets mee, want de bezoeker zocht niet op "diensten" maar op "douche betegelen" of "keuken op maat". Eén onderwerp per pagina, met de zoekvraag als titel, verslaat een verzamelpagina bijna altijd.
Zet op elke dienstpagina hetzelfde rijtje: wat het is, wat het ongeveer kost, een project dat je zo hebt gedaan, wie het uitvoert en hoe iemand contact opneemt. Dat zijn precies de zes stenen waar het meestal misgaat.
3. Je werkgebied, in de woorden die klanten intypen
"Wij werken in de regio" betekent voor een zoekmachine niets. De plaatsnamen die je klanten gebruiken wél. Noem de plaatsen waar je daadwerkelijk komt, en koppel ze aan echt werk: een afgeronde klus in Princenhage doet meer voor je vindbaarheid in Princenhage dan tien keer het woord Princenhage.
Wat je niet moet doen: dertig plaatsnaam-pagina's maken die verder identiek zijn. Dat werkte tien jaar geleden en wordt nu herkend als wat het is. Maak een pagina per plaats alleen als je daar ook echt iets te laten zien hebt.
Hoe ver dat reikt hebben wij nagemeten op drie kleine sites. Binnen de eigen provincie haalde een klantsite achttien keer de top tien; op zoekopdrachten met een plaatsnaam daarbuiten geen enkele keer. De cijfers staan in heeft SEO zin voor een klein bedrijf.
4. Reviews, en dan op de plek waar ze meetellen
Een compliment in een appje is fijn, maar telt nergens mee. Vraag na elke afgeronde klus om een review op je Google-profiel. Het beste moment is de dag van oplevering, als de klant nog in de nieuwe badkamer staat. Zet de mooiste reviews daarna ook op de dienstpagina waar ze bij horen, niet op een losse reviewpagina die niemand bezoekt.
Er zit één valkuil in dat laatste die je niet ziet. Wij hebben dertien Nederlandse vakbedrijfsites doorgemeten en bij twee ervan staan de reviews alleen in een widget: de bezoeker ziet ze, en een machine die de pagina ophaalt niet. Hoe je dat in een minuut zelf controleert, en wat Google wel en niet met sterren doet, staat in ons antwoord op hoe je reviews krijgt en waar je ze neerzet.
Wat er tegenwoordig bij komt: de AI-antwoordlaag
Steeds meer mensen stellen hun eerste vraag niet aan Google maar aan een assistent. Die geeft één antwoord en noemt daarin een handvol bedrijven. Wie genoemd wordt, hangt af van of jouw site die vragen concreet en controleerbaar beantwoordt. Hoe dat werkt staat in onze gids over AI-vindbaarheid, en we hebben het voor Nederlandse vakbedrijven zelf gemeten.
De eerlijke zelf-doen-route
Dit kun je allemaal zelf. Reken op een middag voor je bedrijfsprofiel, en daarna ongeveer een uur per week: één dienstpagina schrijven, foto's van de laatste klus erbij, één review vragen. Het werkt, mits je het volhoudt. Dáár gaat het bij bijna iedereen mis. Niet aan kennis, maar aan de week erna.
l3art is precies dat volhouden, uit handen genomen: elke week kiest het systeem de belangrijkste kans, bouwt wat daarvoor nodig is en meet wat het oplevert. Wil je het liever zelf doen, dan is bovenstaande lijstje alles wat je nodig hebt. Wij verkopen je niets als je er al bent.
Veelgestelde vragen
- Hoe lang duurt het voordat je hoger in Google staat?Voor je eigen bedrijfsnaam en je Google-bedrijfsprofiel gaat het snel: dagen tot weken. Voor zoekvragen waar concurrenten al jaren op staan, praat je over maanden. Wie je binnen twee weken een eerste plek belooft op een drukke zoekterm, belooft iets wat hij niet in de hand heeft.
- Moet ik betalen voor Google Ads om hoger te komen?Nee. Advertenties en organische posities zijn twee gescheiden systemen; adverteren maakt je organische positie niet beter. Advertenties zijn wel bruikbaar om te testen op welke zoekvragen mensen daadwerkelijk klikken en bellen, voordat je er pagina's voor bouwt.
- Werkt een blog nog voor een tegelzetter of stukadoor?Alleen als het antwoord geeft op een vraag die iemand echt stelt vlak voor hij belt. Tien algemene stukken over 'de voordelen van tegels' doen niets. Eén pagina die eerlijk uitlegt wat een badkamer bij jou ongeveer kost, doet wél iets.